← Terug

Klimaat en biodiversiteit

Ik wil jullie meenemen naar het grootste probleem waar we momenteel mee moeten dealen. Hierbij wil ik jullie wijzen op zowel je rol als individu in de maatschappij en je (toekomstige) rol als professional in de financiële sector. Eind september 2020 heeft de beroemde bioloog sir David Attenborough, bekend van Animal Planet, Frozen Planet en diverse andere natuurdocumentaires, een nieuwe natuurdocumentaire de wereld ingestuurd: A Life on our Planet. De boodschap: de aarde gaat naar de verdommenis en dat komt door de rol die wij, mensen, hebben op de natuur. Voor wie de documentaire nog niet gezien heeft, open je Netflix en ga het kijken. Het is je verantwoordelijkheid om te weten welke invloed jouw leven heeft op het leven van anderen.  Het is belangrijk om te weten wat ons doen en laten voor invloed heeft op de wereld om je heen. We weten allemaal dat het klimaat opwarmt en dat dat komt door overmatige uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen. We kappen het regenwoud, we vissen de oceanen leeg en we verbranden kolen alsof het niks is. Wat kunnen we hiertegen doen? We weten het eigenlijk allemaal al wel. Natuurlijk kunnen we minder vliegen, minder vlees eten en vooral minder consumeren. Alle beetjes helpen. Maar het probleem lijkt groter dan het individu.  

Toch schetst Attenborough een toekomstscenario op basis van de huidige voorspellingen uit de wetenschap over wat er met de leefbaarheid van de aarde gebeurd als we niks doen. David Attenborough schetst een beeld van de wereld in 2080-2100 en dat grijpt je naar de strot: droge, brandbare savanne waar ooit regenwoud was, stervend koraal en steeds minder vissen, crisis in de voedselvoorziening door uitgeputte grond en uitgestorven bijen en andere bestuivers. Kort gezegd, een grotendeels onleefbare aarde en miljoenen mensen zonder huis. Dit gaat consequenties hebben voor iedereen op aarde. Mensen gaan vluchten, er komt meer honger, meer branden en overstromingen en het raakt de economie. Toch zie ik om me heen gebeuren dat steeds meer mensen bewust worden van het probleem en steeds meer mensen dat gevoel omzetten in actie. Dit doet me altijd denken aan een quote van Arthur Schopenhauer:  “All truth passes through three stages. First it is ridiculed. Second, it is violently opposed, Third, it is accepted”. De waarheid is: We moeten allemaal veranderen, ons consumeren moet veranderen als we nog een leefbare wereld willen hebben. En gelukkig zie ik al veel mensen om me heen de waarheid omarmen en accepteren dat óók zij moeten veranderen.

David Attenborough heeft het over twee soorten crises: De klimaatcrisis en de biodiversiteitscrisis. Met de eerste zijn we al redelijk bekend. We moeten onze CO2 uitstoot reduceren en dus groene stroom opwekken en een circulaire economie opstarten. Maar over de tweede crisis horen toch minder en daarom wil ik jullie daarin meenemen. Frank Elderson, directielid van DNB en voorzitter van het internationale netwerk van centrale banken en toezichthouders ‘Network for Greening the Financial System’ wendde zich begin november op een academielezing van het Planbureau voor de Leefomgeving tot de financiële sector. De financiële sector heeft namelijk een cruciale rol in het oplossen van het biodiversiteit probleem maar het ondervindt ook grote problemen. Klimaat en biodiversiteit staan namelijk onder druk. In 50 jaar is er een afname in biodiversiteit geweest van zo’n 68 procent en deze stijging zal zich nog heftiger voortzetten. Dit leidt tot grote risico’s, waar ook ons financiële systeem niet immuun voor is.

Dit vertaalt zich in drie risico’s. Het eerste risico is het afhankelijkheidsrisico, ook wel het fysieke risico genoemd. Dit is het risico dat bedrijven die afhankelijk zijn van biodiversiteit lopen. Veel gewassen zijn bijvoorbeeld afhankelijk van dierlijke bestuiving. Valt deze bestuiving weg, dan is 5 tot 8 procent van de huidige productie van gewassen in gevaar. Een bedrijf vermindert hierdoor in waarde en financiële instellingen lopen vervolgens markt- en kredietrisico. Een hele keten van gevolgen wordt dus in gang gezet. In alleen Nederland gaat dit om een bedrag van 25 miljard euro: zoveel geld zit er in bedrijven die afhankelijk zijn van bestuivingsafhankelijke producten. Nederlandse financiële instellingen hebben voor 510 miljard euro aan financiering uitstaan in bedrijven met een hoge of zeer hoge afhankelijkheid van één of meerdere ecosystemen. Dit geeft aan dat iedereen dit risico gaat voelen. Het tweede risico is het transactierisico. De omzetting van een fossiele economie naar een groene economie gaat veel geld kosten en dit brengt veel schade aan het bedrijfsleven. Investeringen worden minder waard en ook dat risico gaan we allemaal voelen in onze portemonnee. Het derde risico gaat over de operationele risico’s als gevolg van schadeclaims. Betrokkenheid in de productie bij ontbossing kunnen gaan leiden tot hoge kosten voor bedrijven en ook die kosten zijn terug te vinden in de waardering van bedrijven en dus in de investeringen.

Het probleem van biodiversiteit speelt zich dus zeker niet op de achtergrond. Het heeft dramatische gevolgen voor onze economie. De enige oplossing lijkt inzetten op een groen herstel. Nog langer wachten gaat alleen maar leiden tot nog grotere risico’s en dan zullen de uitgaven nog radicaler moeten zijn. Voor deze biodiversiteitscrisis kunnen we veel lessen halen uit de klimaatcrisis. Het is bijvoorbeeld gebleken dat het beprijzen van CO2 uitstoot als externe kosten goed werkt. Dus we moeten zoeken naar equivalenten die de milieuschade voor biodiversiteit ook kunnen beprijzen, zodat de effecten in de kostprijs terecht komen en dus de vraag omlaag brengt. Een tweede les is dat we het niet alleen kunnen. We hebben elkaar nodig. Alle bankiers, toezichthouders, bestuurders en overheden moeten samenwerken. Volgend jaar, op de top in Kunming, worden er hopelijk concrete afspraken gemaakt om de biodiversiteit te kunnen redden. Deze doelen zullen ambitieuzer zijn en nog verder reiken dan we tot nu toe gewend waren. Het doel is om rond de 30% van het aardoppervlak als beschermde gebieden aan te merken, zodat de mens hier niet nog verder destructief te werk kan gaan. Ten slotte hebben we hefbomen nodig, die ervoor zorgen dat we de problemen te boven komen. Financiële instellingen bijvoorbeeld hebben enorme investeringsportefeuilles die afhankelijk zijn van en invloed hebben op de biodiversiteit. Financiële toezichthouders hebben hierbij een nóg grotere hefboom. Zij beïnvloeden de investeringsportefeuillesamenstelling door cruciale risico’s mee te laten nemen en in te zetten op een groenere investeringsportefeuille.

De mens heeft de afgelopen decennia op de voorgrond erg hard kunnen bouwen aan de economie en het heeft hierbij niet geschroomd om natuurlijke bronnen aan te boren en de natuur te schaden. De mens hoeft zeker niet naar de achtergrond, maar het klimaat en de biodiversiteit moet wel een integraal plekje krijgen in het beleid. Er moet worden gezocht naar een nieuw evenwicht tussen mens en natuur. Hierbij moeten we onze destructieve gewoontes toch echt achter ons laten en zoeken naar alternatieven. “Wat kan jij doen?” is een vraag die nu vast rest. Wees je ten eerste bewust van de voetafdruk die je hebt en sta stil bij hoe je die kan verminderen. Zorg ervoor dat je in je werk de bovengenoemde risico’s ook goed communiceert. Niet-financiële risico’s worden uiteindelijk ook financiële risico’s. Dus het is goed voor het bedrijfsleven om dit verhaal kennen. Welke rol je later ook hebt in de financiële sector, het verhaal van de klimaatcrisis en biodiversiteitscrisis raakt elk bedrijf en het grotere plaatje moet dus altijd worden meegenomen.

Bovendien kan je ook als individu een aantal dingen doen. Het een keer proberen van een vleesvervanger is iets dat iedereen een keer moet kunnen proberen. Ook het eten van biologisch voedsel is heel belangrijk. Het niet gebruiken van chemicaliën op ons voedsel is niet alleen een stuk gezonder, maar ook voor de grondkwaliteit is het essentieel. Microben krijgen dan namelijk de kans om een gezonde populatie te vormen in de grond, waardoor ze gigantische hoeveelheden CO2 kunnen opnemen uit de lucht. En om af te sluiten wil ik jullie meegeven om stil te staan bij het kiezen van de juiste bank en energiemaatschappij. Natuurlijk wil je niet dat de bank met jouw spaargeld gaat investeren in wapenhandel, ontbossing en fossiele brandstoffen. Toch is dát iets dat vele banken doen. De Triodos bank of ASN bank zijn hierbij goede alternatieven die net zo gebruiksvriendelijk zijn als andere banken maar niet investeren in onethische praktijken. Voor energiemaatschappijen geldt hetzelfde. Groene stroom in Nederland is vaak nep. Er worden certificaten uit het buitenland gehaald om grijze stroom als groene stroom te kunnen verkopen. Zorg er dus voor dat je groene stroom van Nederlandse bodem krijgt, zodat je geen milieuschade aanricht als je je lampje aan hebt. De Consumentenbond rangschikt elk jaar alle energiemaatschappijen voor je zodat je precies weet bij welke maatschappij je echt groene stroom krijgt. Met al deze dingen die je heel gemakkelijk zelf kan doen, kan je tientallen tonnen CO2 uitstoot kunnen besparen op jaarbasis en draag ook jij steeds meer je steentje bij aan het oplossen van de klimaat- en biodiversiteitscrisis. Dus ik daag je uit om je eigen gewoontes eens onder de loep te nemen en te kijken hoe jij concreet je voetafdruk weet te verlagen.  “Just because someone doesn’t jump on board immediately doesn’t mean they won’t jump on board eventually” – David Arrington.
 

Benieuwd wat PM voor jou kan betekenen? Word lid!

Lid worden (€1,-)